Wat zet je in huwelijkse voorwaarden bij een tweede huwelijk?

Als je voor de tweede keer in het huwelijk treedt, dan zit je waarschijnlijk niet te wachten op een gemeenschap van goederen. Je hebt de boel al een keer moeten verdelen en dat wil je niet nog een keer moeten doen. Bovendien heb je samen geen kinderen. Hoe moet dat later dan met de erfenis? Dit zijn de 2 belangrijkste punten om op te letten als je huwelijkse voorwaarden maakt bij een tweede huwelijk.

huwelijkse voorwaarden tweede huwelijk

1. Wat voor huwelijksvermogensregime kies je?

De meeste stellen kiezen voor één van deze 5 huwelijksvermogensregimes:

  1. Algehele gemeenschap van goederen.
  2. Beperkte gemeenschap van goederen.
  3. Periodiek verrekenbeding.
  4. Finaal verrekenbeding
  5. Koude uitsluiting.

Als je het huidige vermogen privé wilt houden, dan zal de eerste optie niet bij je passen. De tweede of derde optie past bij je wanneer je alles wat je tijdens het huwelijk bij elkaar verdient wel met elkaar wilt delen. Bij een tweede huwelijk zullen weinig stellen kiezen voor de eerste drie opties omdat ze het vermogen gescheiden willen houden. De vierde optie houdt in dat je geen gemeenschap van goederen wilt vanwege ondernemersrisico maar alles wel door de helft wilt delen bij een scheiding. Ook dat zal bij de meeste tweede huwelijken niet de bedoeling zijn.

De meeste stellen zullen bij een tweede huwelijk daarom kiezen voor de laatste optie: “koude uitsluiting”. Er is niks mis met de keuze voor een huwelijk met minimale financiële gevolgen, mits je beiden “je eigen broek kunt ophouden”. Je huwelijkse voorwaarden regelen in dit geval de volgende punten:

  • Geen gemeenschap van goederen.
  • Geen verrekenbeding.
  • Wel een vergoedingsrecht.
  • Geen pensioenverevening.
  • Geen bijzonder nabestaandenpensioen.

2. Wat voor testament maak je?

Je huwelijkse voorwaarden regelen niet wie je erfenis krijgt. Daarvoor zal je een testament moeten maken. En bij een tweede huwelijk is zo’n testament onmisbaar. Zonder een nieuw testament zal het vrijwel nooit zo gaan als je had gewild.

  • Wanneer je nog een testament had uit je vorige relatie, dan staat je nieuwe partner daar natuurlijk niet in. Een nieuw testament is in dat geval nodig.
  • Heb je beiden geen kinderen en verwacht je samen ook geen kinderen? Zonder testament is de langstlevende enig erfgenaam. Overlijdt de laatste van beiden, dan erft zijn of haar familie alles. De familie van degene die het eerst overlijdt, ziet dus niks terug van de erfenis. Ook niet als je kort na elkaar overlijdt. In een testament kun je dit anders regelen. Daarin kun je bijvoorbeeld beide families aanwijzen of een goed doel tot erfgenaam benoemen.
  • Heb je beiden wel kinderen en overlijd je na elkaar? Dan hebben de kinderen niet dezelfde rechten. Als de eerste overlijdt, erven zijn of haar kinderen een vordering. De kinderen van de ander erven geen vordering. Overlijdt de laatste, dan zijn de kinderen van de langstlevende erfgenaam en de stiefkinderen niet. Zonder testament maakt de volgorde van overlijden dus heel veel uit voor de rechten van de kinderen. In een testament kun je dit verschil verkleinen. Dat geeft de kinderen meer duidelijkheid en de langstlevende meer bescherming.

Bij een tweede huwelijk is het vooral vanwege de erfenis verstandig om huwelijkse voorwaarden en testamenten te maken. Bij een scheiding merk je ook dat er een verschil is tussen wel of geen voorwaarden. Maar dat verschil is door de invoering van de beperkte gemeenschap van goederen al een stuk kleiner geworden. Wil je daar meer over weten? In het menu onder video vind je een filmpje met uitleg hierover. Kijk voor meer info over het maken van een testament bij een tweede huwelijk even op mijn YouTube kanaal.