Welke uitzonderingen kun je in huwelijkse voorwaarden opnemen?

Er zijn veel verschillende soorten huwelijkse voorwaarden. Wat bij jou past, hangt af van je situatie en je persoonlijke wensen. Dit zijn 4 populaire uitzonderingen die je in huwelijkse voorwaarden kunt opnemen.

huwelijkse voorwaarden uitzonderingen

1. Geen gemeenschap van goederen

Als je trouwt zonder voorwaarden, krijg je standaard een gemeenschap van goederen. Veel stellen willen dat niet. Daarom is de populairste uitzondering in huwelijkse voorwaarden om geen gemeenschap van goederen te maken.

Artikel 1:94 lid 1 Burgerlijk Wetboek: Van het ogenblik van de voltrekking van het huwelijk bestaat tussen de echtgenoten van rechtswege een gemeenschap van goederen.

2. Geen variabel vergoedingsrecht

Koop je samen een huis en stopt één van beiden daar meer privé geld in dan de ander? In dat geval krijg je op grond van de wet een vergoedingsrecht. Dat vergoedingsrecht is standaard variabel. Wordt het huis meer waard, dan krijgt degene die er meer geld in stak ook meer geld terug. In huwelijkse voorwaarden wordt vaak afgesproken dat het vergoedingsrecht vast is en daarom niet groter wordt als het huis in waarde stijgt. Een uitzondering dus op de wettelijke regeling.

Artikel 1:87 lid 2 Burgerlijk Wetboek: De vergoeding beloopt een gedeelte van de waarde van het goed op het tijdstip waarop de vergoeding wordt voldaan. 

3. Geen pensioenverevening

Trouw je zonder huwelijkse voorwaarden, dan gaat het pensioen dat je tijdens het huwelijk opbouwt door de helft bij een scheiding. Dit noemen we pensioenverevening. In huwelijkse voorwaarden kun je afspreken dat het pensioen privé blijft. Dit is een populaire afspraak voor ondernemers en bij een tweede huwelijk.

Artikel 2 lid 1 Wet verevening pensioenrechten bij scheiding: In geval van scheiding en voor zover de ene echtgenoot na de huwelijkssluiting en voor de scheiding pensioenaanspraken heeft opgebouwd, heeft de andere echtgenoot overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens deze wet recht op pensioenverevening, tenzij de echtgenoten de toepasselijkheid van deze wet hebben uitgesloten bij huwelijkse voorwaarden of bij een bij geschrift gesloten overeenkomst met het oog op de scheiding.

4. Wel een lijst van zaken maken

Aan roerende zaken kun je meestal niet zien van wie ze zijn. Denk aan een bankstel, de eettafel of het bestek in de keukenlade. Op grond van de wet worden deze zaken geacht van je samen te zijn als je niet kunt bewijzen dat ze privé zijn. Aan huwelijkse voorwaarden kun je een lijst hechten waarop je beschrijft wat ieder van jullie al had voor het huwelijk. Daarop kun je roerende zaken vermelden, maar het is ook mogelijk om registergoederen, banksaldi en andere bezittingen te vermelden.

Artikel 1:131 lid 1 Burgerlijk Wetboek: Bestaat tussen niet in gemeenschap van goederen gehuwde echtgenoten een geschil aan wie van hen beiden een recht aan toonder of een zaak die geen registergoed is, toebehoort en kan geen van beiden zijn recht op dit goed bewijzen, dan wordt het goed geacht aan ieder der echtgenoten voor de helft toe te behoren.